Andreas Wismeijer: 'Iedereen houdt dingen achter en dat is maar goed ook'

PrintE-mail

Andreas Wismeijer: 'Iedereen houdt dingen achter en dat is maar goed ook'

andreaswismeijerPlus Magazine, juli 2013

Jarenlang een geheim bewaren, kan een aanslag op je zenuwen zijn. Toch raadt psycholoog en geheimenonderzoeker Andreas Wismeijer niemand aan om al zijn geheimen te delen. ‘Soms is het hebben van een geheim juist gezond.'

Toen hij vijf jaar geleden promoveerde op onderzoek naar geheimen, ontving psycholoog Andreas Wismeijer tientallen brieven. Niet zelden bibberige, handgeschreven brieven van hele oude mensen. ‘Ik heb nooit durven vertellen dat ik in de oorlog met de Duitsers heb geheuld.’ ‘Mijn kinderen weten niet dat ik al een jaar na de dood van hun moeder een ander had.’ Sommigen stonden zelfs voor zijn deur op de universiteit: zo graag wilden ze hun grote geheim opbiechten.

‘We hebben een enorme behoefte om anderen deelgenoot te maken van wat belangrijk voor ons is’, zegt hij. Daarom kan het bewaren van een geheim emotioneel zeer belastend zijn. Zo belastend dat het je leven gaat beheersen. Toch is dat lang niet altijd het geval, ontdekte Wismeijer. Hij spreekt nogal wat mensen die ervan overtuigd zijn dat ze hun somberheid, hartklachten of psoriasis aan zichzelf te wijten hebben, omdat ze jarenlang iets geheim hebben gehouden. Het is maar de vraag of die mensen niet ziek zouden zijn als ze hun geheim hadden verteld. ‘Geheimen kunnen ook prettig en nuttig zijn. En soms is het beter om je mond te houden.’ Ook al roepen psychologen om het hardst dat het inhouden van emoties slecht is. De kunst is om erachter te komen wanneer een geheim terecht een geheim is. En wanneer je jezelf juist tekort doet door iets geheim te houden.

Ogenschijnlijk kleine geheimen

‘Ik ben een open boek’, zeggen sommige mensen. Wismeijer gelooft er niets van: ‘Iedereen houdt dingen achter.’ Dat is maar goed ook, want anders zouden we elkaar constant beledigen. Waarschijnlijk wordt de wekelijkse tennisochtend stukken minder gezellig als je eerlijk aan je tennismaatje vertelt dat je haar kinderen niet kan uitstaan.

Sommige mensen lopen jaren rond met een groot, belastend geheim. Als je een kind hebt verwekt bij een ander, de baas voor hebt tonnen opgelicht of bent doorgereden nadat je in een dronken bui een voetganger hebt geschept, is het voorstelbaar dat je de waarheid wilt verbergen. Maar wat Wismeijer het meest verraste is dat het meestal kleine dingen zijn, die we geheim houden. ‘Dingen waarvan je denkt: waarom zou iemand dat willen verbergen?’ Soms zit er iets anders achter. Zo leerde hij een weduwnaar kennen die stiekem rookte. Hij was met niets anders meer bezig dan met dit voor hem levensgrote geheim. Wat bleek? De man had zijn vrouw op haar sterfbed beloofd dat hij nooit meer zou roken. Dat hij allang weer was begonnen, hield hij angstvallig verborgen. Wismeijer: ‘Bij elke sigaret werd hij herinnerd aan zijn falen en aan het feit dat hij loog tegen zijn kinderen.’

Ogenschijnlijk kleine dingen geheim houden, kan ook te maken hebben met je persoonlijkheid. Zo’n twintig tot dertig procent van de mensen behoort tot de self-concealers: sociaal- angstige mensen die zich meer dan anderen druk maken om hun slechte eigenschappen. En vooral om wat de buitenwereld daarvan denkt. In deze groep trof Wismeijer de meeste geheimen aan, en vaak betrof het triviale zaken. Hij vertelt over een man, die aan niemand durfde op te biechten dat hij soms op doordeweekse middagen naar de bioscoop ging. ‘Hij was ervan overtuigd dat anderen daar vreselijk veel aanstoot aan zouden nemen.’

Er zijn ook mensen die beroepshalve veel geheimen hebben: priesters, artsen, therapeuten. Of ze daar last van hebben is nauwelijks bekend. Het is één van de dingen die Wismeijer nog graag wil onderzoeken. Net als de biologische component van geheimen: wat gebeurt er met de hartslag en de bloedwaardes als je een geheim angstvallig voor je houdt of juist opbiecht?

Angst voor afwijzing

Wat zijn de onderwerpen waar vrijwel iedereen een geheim van maakt? Seks staat op nummer één: vreemdgaan, seksuele fantasieën, masturberen. Wismeijer: ‘Al lijken op televisie geen seksuele taboes meer te bestaan, in het alledaagse leven is het heel anders.’ Op nummer twee staan geheimen over persoonlijk falen. Iemand vindt zichzelf een slechte vader, omdat hij nooit met zijn dochter op kon schieten. Een ander verzwijgt dat hij helemaal niet die harde werker is, zoals iedereen denkt, maar de helft van de tijd verlummelt met computerspelletjes.

Waarom houden we dat soort dingen verborgen? Om te voorkomen dat we afgewezen worden, zegt Wismeijer. Die angst is zo sterk dat we liever liegen en bedriegen dan het risico lopen om buitengesloten te worden. Een mechanisme dat stamt uit de oertijd. Om niet door een roedel wolven te worden verscheurd, moest ieder individu zijn uiterste best doen om binnen de groep te blijven. Nu je gewoon bij de bakker een brood kan kopen, hoeft dat toch niet meer? Wismeijer: ‘De oermens in ons is nog springlevend. Ons brein ziet sociale afwijzing nog steeds als iets levensgevaarlijks. Bij afwijzing licht hetzelfde hersengebied op, als wanneer iemand ons letterlijk pijn doet.’

Hoe ouder, hoe meer geheimen

Ook leeftijd speelt een rol bij het ontwikkelen van geheimen, blijkt uit zijn onderzoek. ‘Hoe ouder je bent, hoe groter de kans dat je krassen en schrammen oploopt’ zegt Wismeijer. ‘Daarom is het niet verbazingwekkend dat ouderen meer geheimen hebben dan jongeren.’ Ouderen vinden hun geheim ook vaker emotioneel belastend. Dat komt omdat ze er gemiddeld langer mee rondlopen. ‘Hoe langer je een geheim meedraagt, hoe groter de kans op piekeren. Je moet steeds liegen en rookgordijnen optrekken om te voorkomen dat het uitkomt. Dat knaagt. Het wordt ook steeds moeilijker om open kaart te spelen.’

Zo kan een geheim een obsessie worden: je bent er constant mee bezig en wordt somber, achterdochtig en angstig. Zoals cabaretier Marc Marie Huybregts, die tien jaar met een pruik rondliep om zijn steeds kaler wordende schedel te verbergen. Op het laatst kon hij nergens anders meer aan denken dan aan haar.

Monsterlijke schaamlippen

Wie ervoor kiest om niet met anderen over zijn geheim te praten, blijft verstoken van de hulp en de nuchtere blik van de omgeving. ‘Het gevolg kan zijn dat je een geheim gaat opblazen’, zegt Wismeijer. Op een dag stond er een vrouw voor zijn deur die vond dat haar schaamlippen monsterlijk groot waren. Ze ging nooit met haar vriendinnen naar de sauna en ging leuke mannen uit de weg, uit angst dat ze haar geheim zouden ontdekken. Totdat ze besloot ermee voor de dag te komen. Samen met haar vriendinnen besloot ze uit de kleren te gaan. De vriendinnen reageerden onthutst. Niet vanwege die schaamlippen. Die waren inderdaad iets groter dan gemiddeld. Nou en? Wat hen raakte, was dat ze nooit in vertrouwen waren genomen. ‘Mensen hebben er vaak meer moeite mee dát iemand iets geheim houdt, dan met de inhoud van het geheim. Hoe vervelend dat geheim soms ook kan zijn’, zegt Wismeijer. Als ze er per ongeluk achterkomen, worden ze nog bozer.

Opbiechten of niet?

Betekent dit dat je al je geheimen maar beter kunt opbiechten? ‘Nee’, zegt Wismeijer. ‘Geheimen waar je zelf geen last van hebt, kun je beter voor je houden.’ Hij kent een man met heimwee, die op iedere zakenreis een doosje met stofjes van thuis meeneemt. Die wrijft hij op zijn hotelkamer tussen zijn vingers. Hij heeft er zelf vrede mee. ‘Waarom zou hij dat aan zijn vrienden vertellen? Dan loopt hij het risico dat ze hem raar vinden en anders tegen hem aan gaan kijken.’

Wie een geheim als emotionele last ervaart, raadt hij aan er juist wel uiting aan te geven. Maar het is belangrijk om je vooraf te realiseren dat je een andere relatie krijgt met de persoon aan wie je het vertelt. ‘Soms wordt de band inniger, soms komt hij juist onder druk te staan. Dan kan het delen van een geheim nog meer stress opleveren dan het hebben van een geheim.’ Zo is het lang niet altijd verstandig om een geheim aan je partner te vertellen. Die zit je zo dicht op de huid, dat hij of zij je enorm kan raken met een afwijzende reactie. Of je zadelt de partner op met een voldongen feit waar hij of zij niets meer aan kan doen. ‘Kies een vertrouweling die niet- oordelend is en kan helpen met nieuwe inzichten’, raadt Wismeijer aan. Dat kan een vriend zijn, maar nog beter is iemand die op grotere afstand staat: een vage kennis of een hulpverlener.

Discretie is belangrijk, maar ga er van uit dat je geheim niet onder vier ogen blijft als je het eenmaal hebt verteld. Driekwart van alle gedeelde geheimen wordt doorverteld, blijkt uit onderzoek. In de helft van de gevallen nog dezelfde dag. ‘De meeste mensen kunnen de verleiding niet weerstaan om smeuïge verhalen te delen’, zegt Wismeijer. ‘Je kunt hooguit verwachten dat iemand zorgvuldig afweegt hoe en aan wie hij jouw geheim vertelt.’ Een geheim anoniem uiten of voor jezelf opschrijven is een prima alternatief. Wismeijer: ‘Doordat je er een verhaal van maakt, wordt je geheim inzichtelijker en wordt de film in je hoofd stopgezet.’


Op de website Geheimen van Nederland van Andreas Wismeijer kun je

  • je eigen geheimen anoniem achterlaten
  • reageren op geheimen van anderen
  • achtergrondinformatie vinden over geheimen
  • meedoen met geheimenonderzoek van de Universiteit van Tilburg
  • advies krijgen over hoe om te gaan met geheimen. 

 

© Ditty Eimers. Overname van teksten alleen na toestemming. info@dittyeimers.nl